De Romeinse estafette der verkleumde Loopmaatjes

10380052_627989760609653_2406348957976322670_o
‘Goedemorgen @loopmaatjes, ik ga weer lekker voor een rondje!’
‘Zo, dat was lekker @loopmaatjes. Heerlijk 7km door het bos verdwaald
‘Zijn er nog @loopmaatjes die vandaag gaan lopen?’

Al bijna anderhalf jaar lang zie en ik verstuur ik bijna dagelijks dit soort Twitter-berichten. Looptweets van/naar honderden (duizenden?) andere loopgekken, waarvan sommigen inmiddels echte loopmaatjes geworden zijn.Virtueel dan. Je volgt elkaar, reageert op elkaar, leeft mee met blessures, juicht met overwinningen en soms zie je elkaar in een flits als één zo’n loopgek weer besluit met zo’n oranje heldenbord langs de weg te gaan staan.
Hartstikke leuk natuurlijk, maar stiekem ben ik soms natuurlijk ook rete-nieuwsgierig hoe ‘mijn’ twittermaatjes in het echt zullen zijn. Wat voor fitte kop (of juist niet) er achter zo’n avatar schuilt en of ze in het eggie ook wel net zo gezellig, leuk, knap, geweldig zijn als online (ik bedoel – laten we eerlijk zijn – dat ben ik immers ook…)

En dan is daar ineens de Loop van Leidsche Rijn. Niet zomaar een loop, maar eentje met Romeinen (vraag me niet waarom – liepen zij ook hard?).Én…met een heuse Loopmaatjes-estafette! Hoera! Eindelijk lekker reallife twitteren. Alleen, één probleem: waar vind ik een estafettemaatje? Oja, Twitter natuurlijk! Eén bericht in de lucht en ik had al een twittervogeltje in de hand: Tim. Een kind kan de was doen! Nog makkelijker: Tim was al met de inschrijving gestart, dus ik kon gewoon gewoon bij zijn registratie aanhaken. En bij zijn gekozen teamnaam: ‘De Kenianen’. Eh…Tim, ik weet niet of je mij een beetje kent, maar een keniaan ben ik verre van! En om nou voor 7,5km een hoogtetentje aan te schaffen…Ik hoop maar dat een hoge stapel kwarkbroodjes ook voldoende zijn!

20140529_174229

Enfin. Donderdag 29 mei werd met dikke letters in mijn agenda gezet en voor ik het wist stond Lia’s ochtends al toeterend voor mijn deur. Nog zo’n voordeel van Loopmaatjes: je ontmoet nog eens wat mensen in de buurt, waarmee je dan naar gezamenlijke wedstrijden kan meerijden (en waarvan je soms een kat kan adopteren, maar dat is weer een heel ander verhaal).
Ruim op tijd (lees: vroeg!) gingen we op pad. Lia met haar zoon Daniël (12 jaar!) als estafettemaatje en trainer Bé op de achterbank die Lia weer aan loopmaatje Ans gekoppeld had. De Tros is er niks bij met deze grote gezellige familie!

Waarom we zo vroeg vertrokken, daar kwam ik al snel achter. De Loop van Leidsche Rijn blijkt niet bij station Leidsche Rijn te zijn, maar bij station Vleuten. Gelukkig kent Lia zichzelf al langer dan vandaag en waren we ook ondanks een kleine toeristische route nog ruim op tijd bij het ‘kamp der Romeinen’.
Eerste indruk? Mmm…die korte broek en dat t-shirt waren misschien toch iets té optimistisch gedacht vanochtend. Kan iemand de zon aanzetten en die koude windblower uit? Ik bedoel, zelfs die Romeinse soldaten hier hebben sokken in hun sandalen aan! Dat is echt geen gezicht!

Maar, kou of geen kou, wij loopmaatjes laten ons niet zo snel uit het veld staan. Hete koffie en warme ontmoetingen doen een hoop en van het spel ‘spot het twittermaatje’ word je ook best een beetje warm. De ‘He hallo’s!’ vlogen door de lucht. Voornamelijk gevolgd door twitternamen, want tja, die zitten er nu zo ingebakken dat ze vaak beter blijven hangen dan de echte namen (‘Ik ken alleen twitternamen hoor!’ aldus @Sfje).
Ondertussen zoek ik het veld af of ik tussen de verkleumde gezichten en ‘besokte’ Romeinen mijn eigen estafettemaatje ook kan ontwaren. Wanneer ik net zo’n bleek niet-Keniaans gezicht in de verte zie opdoemen, weet ik het zeker: dat moet Tim zijn! En ja, het mag dan een bleekscheet zijn, met zijn Keniaanse mentaliteit zit het wel goed: Meneer is even vanuit Gouda naar Leidsche Rijn komen fietsen! Ehm, pardon? Achja, een goede opwarming is het halve werk zullen we maar zeggen! Ik besluit dan ook snel dat Tim maar beter het tweede deel van de estafette op zich kan nemen. Hoef ik mij in ieder geval niet te schamen voor een slome kwarkbolleneindsprint.

Een beetje spannend vind ik het namelijk wel. Dit wordt namelijk de eerste echte loop sinds het stressfractuurdebacle van vorig jaar. Ok, ik heb dan wel begin deze maand de Bergrace samen met mijn zusje gelopen, maar dat was meer een wedstrijd voor haar dan voor mij. En hoewel ik qua kilometers inmiddels weer heel aardig op de rit zit (vorig weekend nog een duurloop van dik 18km), heb ik qua snelheidswerk niet veel (lees: heel weinig) training in de benen.
We zien dus wel hoe het gaat en wat erin zit. En dat ‘we zien wel’ mag heel letterlijk genomen worden, aangezien ik (alweer!) mijn Garmin was vergeten (zou het een nieuw wedstrijdritueel worden?). Gewoon van start dus maar en dan op gevoel richting het wisselpunt.

10364002_10203064198997548_2373027475388178995_n
Voor zover ik nog gevoel heb! Vijf minuten voor de start moeten toch echt mijn vest, jas en trainingsbroek uit en dat betekent dus al klappertandend het startvak in. We mogen plaatsnemen achter de echte atleten (daar waar de echte Kenianen staan!), grappen en grollen nog even en dan is het *pang*….de Romeinen zijn los!

Met koude stijve benen stuif ik vooruit. Ik heb het koud, dus maak maar gewoon tempo om warm te blijven. Ondertussen snelt de ene na de andere (voornamelijk) mannelijke Romein me voorbij. Dat is het nadeel van zo voorin starten; je hebt het gevoel dat jij achteruit gaat ipv naar voren. Gelukkig laat ik me niet opjutten door al dat snelle testosteron (btw: waarom hijgen jullie mannen altijd zo hard als jullie lopen?). Ik loop mijn eigen race, zonder tijd, verwachtingen of horloge. ‘We zien wel, we zien wel’, is mijn mantra.

Maar mantra of niet. Zoals dat wel vaker gaat tijdens wedstrijden start je stiekem toch altijd wat te snel. Ook ik voelde dat ik flink op tempo zat, maar goed, had dus niets om dat aan af te lezen. En omdat het verder eigenlijk wel prima ging besloot ik gewoon te kijken hoe ik dit tempo kon vasthouden. Kilometer 1, 2 en 3 vlogen voorbij. Maar toen duurde het toch wel erg lang voordat kilometerbordje nummer 4 in zicht kwam. Was dit een mentaal Romeins grapje of heeft de kou mijn oplettendheid aangetast? Jongens, ik begin een beetje moe te worden! Die kilometer moet toch nu ergens komen? Gelukkig doemde daar net op tijd het bordje op: 5 km! Kijk, dat is dan weer een leuke meevaller! Nog maar 2,5km tot het wisselpunt!

Onderweg moedigen plukjes bewoners ons aan. Leuk om ook weer van de andere kant te merken hoe fijn supporteren is. Zelfs vlak voor het 7km punt (waarop mijn ambitieuze tempo toch wat zwaar begon te worden en iets in te zakken) krijg ik nog even een toffe oppepper van een medeloper: ‘Goed bezig! Het gaat goed, je bent er bijna!’. Dat hij mij daarna voorbij gaat kan me niet schelen. In de verte zie ik Tim al staan, dus het wordt tijd om me uit mijn vestje te wurmen. Samen rennen de de wisselmat over en mag ik de rest van de race aan hem overdragen. Mijn deel zit erop. Stop de klok! Maar, op welke tijd?
Omdat ik te druk was met mijn hesjeswissel, heb ik geen idee wat voor tijd nu op de klok stond. Ik schrik me dan ook bijna een galdiatorenhelmpje als ik terug langsloop en ineens 35 minuten op het tussenstandbord zie staan. Ja, ik liep wel aardig op tempo, maar zo hard? Lang om van mijn verbazing te bekomen was er echter niet, want er moesten loopmaatjes aangemoedigd worden! Hesje na hesje werd onder luid gejoel en applaus (en soms wat geklappertand) gewisseld. Toen ook Daniël (ik herhaal: 12 jaar!) na 39(!) minuten binnen was, besloot ik samen met hem richting de finish te lopen en daar het supportersklusje af te maken.

Nadat alle gladiatoren de eindstreep hadden bereikt  was het tijd voor het laatste onderdeel: de lunch! Ik merkte dat de kou en de kilometers mijn energievoorraad inmiddels goed hadden opgemaakt, dus de krentenbollen en broodjes kaas gingen er goed in. (Net zoals de zakken patat bij anderen. Maarja, wat wil je met teamnaam ‘McDiet Triple Deluxe Xtra Kaas’). Het stoppen met klappertanden wilde inmiddels niet echt meer lukken, dus hoe stoer die Romeinen met sok er ook uit zagen, na de Loopmaatjes groepsfoto was het toch echt tijd om naar huis te gaan. Op naar een warme (lees: hete!) douche en de online uitslagen om te kijken of ik die tijd toch echt wel goed op het bord had zien staan.

Thuis wordt mijn verbazing echter alleen maar groter: a) Ik heb een officiële eindtijd van 34.25 minuten! b) Mijn estafettemaatje Tim heeft, op de seconde na, precies(!) dezelfde eindtijd! Als dat geen teamwork is, dan weet ik het ook niet meer! Met een gezamenlijke netto eindtijd van 1:08:50 op de 15km en een 9e plek van de 53 teams, voel ik me ineens een hele Keniaan! Ok, een halve dan. Zijn die kwarkbollen toch nog ergens goed voor geweest!

De Kenianen

 

Ps: Marteijn (Mr. Loopmaatjes himself), ontzettend bedankt voor deze superleuke dag! Top georganiseerd en super om iedereen ontmoet te hebben. Volgende keer nemen we naast Romeinen met blote benen ook een bidonnetje met zon mee!


2 reacties op ‘De Romeinse estafette der verkleumde Loopmaatjes

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s